Nog veel onduidelijkheid over toekomstig Europees Landbouwbeleid

20 oct 2011 |

Op 12 oktober zijn de voorstellen voor het Europese Landbouwbeleid voor de periode 2014 tot en met 2020 gepresenteerd. De Europese Commissie wil dat het huidige model van bedrijfstoeslagen (gebaseerd op in het verleden ontvangen premies) voor 2020 wordt omgezet in een regionale premie op alle landbouwgrond. Daarbij zou 30% van de totale premie moeten worden uitgekeerd in de vorm van een vergroeningstoeslag. Inclusief deze toeslag zou dat voor Nederland een premie van ruim € 400 per hectare betekenen. Dit heeft grote financiële consequenties voor met name kalverhouders, maar ook voor intensieve melkveebedrijven en akkerbouwbedrijven met zetmeelaardappelen.Voor het ontvangen van de vergroeningstoeslag worden extra eisen gesteld:- Bedrijven met bouwland moeten bij een bedrijfsoppervlakte van minimaal drie hectare minimaal drie gewassen telen. Elk gewas mag niet minder dan 5% van de bedrijfsoppervlakte bedragen en niet meer dan 70%. Dit geldt niet voor 100% grasland.- Er komen eisen voor het behoud van blijvend grasland. Herinzaai mag dan nog wel, maar een vruchtwisseling met een ander gewas is gedurende minimaal vijf jaar niet mogelijk.- Iedere landbouwer moet minimaal 7% van de bedrijfsoppervlakte, exclusief permanent grasland, gebruiken voor ecologische focusgebieden (braak, landschapselementen).Indien niet aan deze eisen wordt voldaan, kan de korting volgens de Europese Commissie meer dan 30% bedragen, afhankelijk van de mate waarin niet voldaan wordt aan de vergroeningseisen. Biologische boeren en tuinders zouden automatisch in aanmerking komen voor de vergroeningstoeslag, evenals boeren in Natura 2000-gebieden.Er wordt alleen premie uitbetaald aan actieve landbouwers. Volgens de huidige voorstellen houdt dit in dat het te ontvangen steunbedrag minimaal 5% moet zijn van de inkomsten uit niet-landbouwactiviteiten, waarbij een vrijstelling geldt voor landbouwers die minder dan € 5.000 ontvangen.Een andere maatregel met een grote impact is het voorstel om de suikerquotering per 30 september 2015 af te schaffen.De voorstellen zullen nu verder besproken worden in de Landbouwraad en het Europese Parlement. Duidelijk is al wel dat er veel kritiek is op de voorstellen. Eind volgend jaar moet er een definitief voorstel liggen. Daarna is het aan een lidstaat zelf hoe invulling aan het beleid wordt gegeven. Dit betreft onder meer op welk moment en hoe (ineens of geleidelijk) wordt omgeschakeld naar de hectarepremie. Daarnaast kan een lidstaat besluiten om maximaal 10% van het nationale budget te gebruiken voor specifieke steun aan kwetsbare sectoren (bijv. zetmeelaardappelen, melk, rund- en kalfsvlees, suikerbieten). Daarmee zou de ontkoppeling van premies zoals die de laatste jaren heeft plaatsgevonden of nog zal plaatsvinden, weer (deels) teniet gedaan worden.

terug naar nieuwsoverzicht