Profiel AA-Accountant

Het beroepsprofiel van de in het openbare beroep werkzame Accountant-Administratieconsulent

Aanleiding

Vanaf begin 20e eeuw is er door belangenorganisaties als de Middenstandsraad herhaaldelijk geconstateerd dat de middenstand behoefte heeft aan betrouwbare, deskundige en betaalbare accountants. Pas in de tweede helft van de 20e eeuw heeft dit, met het toenemende belang van het Midden- en Kleinbedrijf voor de werkgelegenheid, geleid tot een wettelijke regeling. Deze regeling, de Wet op de Accountants Administratieconsulenten, bracht de activiteiten zoals noodzakelijk voor het Midden- en Kleinbedrijf tot uiting: het beoordelen van de boekhouding, het voeren van de administratie en het geven van adviezen. Dé accountant voor het Midden- en Kleinbedrijf had een wettelijke status gekregen!
Het beroep van Accountant-Administratieconsulent is inmiddels reeds een groot aantal jaren bij wet geregeld. De wetgever heeft in 1993 de Wet AA uitgebreid met de volledige controlebevoegdheid en daarmee een duidelijk wettelijk kader voor het beroep geformuleerd. De beroepsorganisatie heeft binnen dit wettelijke kader de identiteit van het beroep verder vormgegeven en uitgedragen.
In dit document wordt het profiel van de Accountant-Administratieconsulent nader uitgewerkt. Het doel van het in dit document uitgewerkte beroepsprofiel is inzicht te verschaffen in de karakteristieken van het beroep van Accountant-Administratie-consulent. Tevens dient het beroepsprofiel als basis voor het opleidingsprofiel. In hoofdstuk 3 is een vertaalslag gemaakt van het beroepsprofiel Accountants-Administratieconsulenten naar de kerncompetenties (*), die in het opleidingsprofiel Accountants-Administratieconsulenten opgenomen zouden moeten worden, Op deze wijze kan de opleiding tot Accountant-Administratieconsulent op juiste wijze worden afgestemd op het beroep van Accountant-Administratieconsulent.
Bij het opstellen van het beroepsprofiel is het T-model als basis gebruikt. De staande balk staat voor de diepe en specialistische ondersteuning die de Accountant-Administratieconsulent biedt op financieel-administratief gebied en op controlegebied. De liggende balk geeft de meer generalistische ondersteuning weer, die de Accountant-Administratieconsulent biedt op alle terreinen, die voor de onder nemer in het Midden- en Kleinbedrijf van belang zijn.
Naast de tweedeling in specialistische en generalistische ondersteuning door de Accountant-Administratieconsulent, wordt bij het vaststellen van het beroepsprofiel ook een indeling gemaakt in enerzijds de beroepshouding en anderzijds de deskundigheid van de Accountant-Administratieconsulent.
In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de algemene karakteristieken van een beroepsprofiel: Wat is het karakter van het beroepsprofiel? Wat is het doel van een beroepsprofiel? En hoe is de opbouw van een beroepsprofiel? Vervolgens zal in hoofd stuk 2 meer in detail worden ingegaan op de elementen die kenmerkend zijn voor het beroep van Accountant-Administratieconsulent.
(*) Een competentie is een cluster van verwante kennis, vaardigheden en houdingen die van invloed is op een belangrijk deel van iemands taak (een rol of verantwoordelijkheid), die samengaat met de prestatie op de taak, die kan worden gemeten en getoetst aan aanvaarde normen en die kan worden verbeterd door middel van training en ontwikkeling.

Karakter van een beroepsprofiel

Een beroepsprofiel is een karakterschets, een weergave van de contouren van het betrokken beroep. In het beroepsprofiel wordt de identiteit van het beroep vastgelegd waaronder begrepen de beroepsgebieden, de kenmerkende taken alsmede de beroepshouding en de beroepsvaardigheden welke nodig zijn voor de uitoefening van het beroep.

1.3 Doel van een beroepsprofiel
Doel van het beroepsprofiel is het vastleggen van de identiteit van het beroep teneinde een eenduidig uitgangspunt te hebben bij de communicatie over de inhoud van het beroep en de (markt)positie van de beroepsgroep voor de leden, studenten, opleidingsinstituten, intermediairs en het bedrijfsleven.
Het beroepsprofiel, dat wordt beïnvloed en deels wordt gevormd door de markt en door de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, heeft derhalve zowel een externe (public relations) als een interne werking (als richtsnoer en spiegel voor de beroeps- groep zelf).
Op basis van het beroepsprofiel kan, naast beleid ten aanzien van de beroepsgroep zelf, ook beleid ten aanzien van de toetreders tot de beroepsgroep worden geformuleerd. Hierbij kan met name worden gedacht aan het opleidingsprofiel en het curriculum, welke gebruikt kunnen worden bij het gestalte geven van de opleiding tot Accountant-Administratieconsulent (zie figuur 2). Een opleidingsprofiel geeft de vereiste deskundigheid weer waarover een persoon dient te beschikken om het in het beroepsprofiel beschreven beroep op een, voor een beginnend beroepsbeoefenaar, voldoende niveau te kunnen uitoefenen.
Met het oog op haar wettelijke taakomschrijving, de bevordering van een goede beroepsuitoefening door Accountants-Administratieconsulenten, rekent de beroepsorganisatie het tot haar taak om voor de opleiding tot Accountant-Administratieconsulent een aanzet tot een dergelijk opleidingsprofiel te geven. Het ‘kennen’ is immers medebepalend voor het ‘kunnen’. De beroepsorganisatie acht het vervolgens de eigen verantwoordelijkheid van de opleidingsinstituten om op de in hun ogen meest geëigende wijze de studenten de vereiste kennis bij te brengen. Het curriculum, dat op het opleidingsprofiel is gebaseerd, geeft een overzicht van de onderwijskundige methoden, vakken/competenties, boeken, uren en dergelijke die gebruikt kunnen worden om de kennis en de vaardigheden (zoals bedoeld in het opleidingsprofiel) te verwerven alsmede de wijze waarop deze (in de tijd gedoseerd) zal (kunnen) worden overgedragen.

1.4 Opbouw van een beroepsprofiel
Binnen een beroepsprofiel kunnen elementen worden onderscheiden die tezamen de karakteristieken van het beroep bepalen. In deze paragraaf zullen allereerst de elementen worden opgesomd die (kunnen) bijdragen aan het eigene van een beroep. Vervolgens wordt (in algemene zin) kort aangegeven waarom genoemde elementen zo bepalend voor een beroep kunnen zijn. In hoofdstuk 2 zal voor elk van de hierna opgesomde elementen worden weergegeven hoe zij binnen het beroep(-sprofiel) van de Accountant-Administratieconsulent zijn ingevuld.
Tot de elementen van een beroepsprofiel worden gerekend:

  • Het werkterrein
    Het werkterrein kan worden omschreven als dat gedeelte van de markt dat de aan geboden producten en/of diensten afneemt. Gesteld kan worden dat de specifieke omstandigheden waarin de cliënt zich bevindt, van directe invloed is op de behoefte aan producten en/of diensten. Het beroep (de aanbieder) zal hier, zonder zijn onafhankelijke positie uit het oog te verliezen, zeer direct op dienen in te spelen, wil het zijn marktpositie niet verliezen respectievelijk het beroep niet uithollen. Het spreekt voor zich dat in dit proces van uitwisseling van behoeften, wensen en mogelijkheden een wisselwerking optreedt tussen het beroep(sprofiel) en de markt alsmede tussen het beroep(sprofiel) en de (opstellers van) wet- en regelgeving.
  • De beroepsgebieden
    Een beroepsgebied kan worden omschreven als het (deel)gebied waarop een persoon zijn werkzaamheden uitoefent respectievelijk een aantal onderling samen hangende activiteiten ontplooit.
  • De taken
    Een taak is een samenhangend geheel van handelingen dat een persoon is opgelegd/toebedeeld respectievelijk dat betrokkene op zich heeft genomen.
  • De beroepshouding
    De beroepshouding is de wijze van handelen en optreden die is vereist voor een goede beroepsuitoefening.
  • De beroepsvaardigheden
    Beroepsvaardigheden hebben betrekking op de bekwaamheid in het beroepsmatig handelen.

1.5 Tot slot
Op basis van de in paragraaf 1.4 genoemde elementen zal in hoofdstuk 2 het beroeps profiel van de Accountant-Administratieconsulent nader worden ingevuld waarna dit beroepsprofiel in hoofdstuk 3 wordt vertaald naar het opleidingsprofiel. Hierbij zal overigens uitsluitend aandacht worden besteed aan de Accountant-Administratieconsulent, die in dienstbetrekking werkzaam is in het openbaar accountantsberoep.
De keuze voor de Accountant-Administratieconsulent werkzaam in het openbare beroep is genomen vanwege het feit dat de meeste Accountants-Administratieconsulenten werkzaam zijn in het openbare beroep. Tevens komen de beroepsmatige werkzaamheden van het openbare beroep overeen met de verwachtingen, die het maatschappelijke verkeer heeft ten aanzien van het optreden van de Accountant Administratieconsulent.
Voor de Accountant-Administratieconsulent in dienstbetrekking is gekozen omdat ondernemerschap een aantal competenties vereist die niet per definitie overeenkomen met, en soms zelfs haaks kunnen staan op, hetgeen wordt verwacht van een openbare accountant.

2 De in het openbare accountantsberoep werkzame Accountant-Administratieconsulent

2.1 Het beroepsprofiel
Het in dit document beschreven beroepsprofiel heeft betrekking op de Accountant Administratieconsulent, die in dienstbetrekking werkzaam is in het openbare accountantsberoep. Onder het openbare accountantsberoep wordt die vorm van beroepsuitoefening verstaan waarbij een Accountant-Administratieconsulent (als zelfstandige dan wel in dienstbetrekking tot een accountantskantoor) zich als openbaar accountant bekend maakt (of laat maken) of gedoogt dat een door hem afgegeven verklaring open baar wordt gemaakt.
Het zijn de Accountants-Administratieconsulenten in het openbare beroep die, door hun werkzaamheden, het gezicht van het beroep van Accountant-Administratieconsulent bepalen. Zowel het besloten private verkeer (de ondernemer c.q. directeur/grootaandeelhouder in het Midden- en Kleinbedrijf) als het maatschappelijke verkeer (de anonieme afnemer van de accountantsdiensten) zal de beeldvorming afstemmen op (de uitkomsten van) het handelen van deze Accountants-Administratieconsulenten. Teneinde het beschreven beroepsprofiel gebruiksklaar te maken voor het onderwijs zal het beroepsprofiel in hoofdstuk 3 een vertaalslag ondergaan naar het minimum vereiste niveau, uitgedrukt in kerncompetenties, dat van een beginnend Accountant Administratieconsulent mag worden verwacht.

2.2 Het werkterrein
Het werkterrein is een essentieel element in het beroepsprofiel van de Accountant Administratieconsulent. Het feit dat de Accountant-Administratieconsulent zich als volledig certificeringsbevoegd accountant heeft gespecialiseerd tot dé accountant voor het Midden- en Kleinbedrijf heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de kenmerkende hedendaagse elementen van het beroep. Het werkterrein is bepalend voor de beroepshouding van de Accountant-Administratieconsulent en de wijze waarop hij met zijn cliënt omgaat. Tevens is het werkterrein van belang voor het vaststellen van de inhoud van het opleidingsprofiel.
Het werkterrein van de Accountant-Administratieconsulent omvat het Midden- en Kleinbedrijf, de beoefenaren van het vrije beroep, stichtingen en verenigingen en de land- en tuinbouw. Het Midden- en Kleinbedrijf wordt gekenmerkt door een grote diversiteit met meer dan 100 branches onderverdeeld in diverse sectoren. Circa 80% van de ondernemingen in het Midden- en Kleinbedrijf behoort tot het kleinbedrijf en wordt gekenmerkt door haar jeugdige en dynamische karakter, hetgeen blijkt uit de grote aantallen nieuwkomers en de vele afvallers.
De ondernemingen in het Midden- en Kleinbedrijf worden gekenmerkt door hun geringere omvang, het daardoor ontbreken van een adequate staf en het vaak in dezelfde handen zijn van leiding en eigendom. Uit dien hoofde vraagt het Midden- en Kleinbedrijf van zijn accountant een breed scala aan diensten. Primair heeft het Midden- en Kleinbedrijf behoefte aan het vervullen van de intern gerichte staffuncties zoals het verrichten van administratieve diensten, het verzorgen van de belastingaangifte en het leveren van tal van adviesdiensten.
Daarnaast heeft de ondernemer in het Midden- en Kleinbedrijf behoefte aan een controledeskundige, die zekerheid kan verschaffen over de mate van betrouwbaarheid van financiële gegevens. En tot slot heeft het Midden- en Kleinbedrijf ook behoefte aan een onafhankelijk, kritisch adviseur en rechterhand, die tevens functioneert als klankbord en vertrouwenspersoon.

2.3 De beroepsgebieden
De werkzaamheden van de Accountant-Administratieconsulent worden bepaald door:
• de behoeften van het maatschappelijke verkeer;
• de wet- en regelgeving zowel betrekking hebbend op de cliënten als op de Accountants-Administratieconsulenten;
• de gedrags- en beroepsregels en -voorschriften voor Accountants-Administratieconsulenten; de uitspraken van de tuchtrechter en de civiele rechter;
• de stand van zaken in het beroepenveld en de daarmee gepaard gaande inzichten van (de leden van) de beroepsorganisatie en vakgenoten.
Binnen het beroep van Accountant-Administratieconsulent is een viertal beroeps- gebieden te onderscheiden:
a. het financieel-administratieve beroepsgebied;
b. het beroepsgebied controle;
c. het fiscale beroepsgebied;
d. het beroepsgebied advisering.
ad a. Het financieel-administratieve beroepsgebied
Dit beroepsgebied heeft betrekking op het (ondersteunen van de cliënt bij het) voor bereiden van de financiële informatie die een cliënt nodig heeft voor interne en externe rapportages alsmede voor verslaggevingdoeleinden. De Accountant-Administratieconsulent is de deskundige inzake de verslaggeving van financiële gegevens. Onder het financieel-administratieve beroepsgebied valt ook het verstrekken van retrospectieve en prospectieve managementinformatie aan de cliënt. Voor zover de accountant (on)gevraagde adviezen verstrekt ten aanzien van de hiervoor genoemde onderwerpen c.q. activiteiten, wordt dit (in het kader van het beroepsprofiel) geacht deel uit te maken van het financieel-administratieve beroepsgebied.
ad b. Het beroepsgebied controle
Dit beroepsgebied bestaat uit twee componenten. De eerste component heeft betrekking op de toetsende werkzaamheden die de Accountant-Administratieconsulent verricht indien hij medewerking verleent aan de totstandkoming van een (financiële) verantwoording. Daarnaast kan de cliënt (daartoe al dan niet verplicht door de wetgever) de Accountant-Administratieconsulent om een expliciet oordeel vragen omtrent de getrouwheid van een (financiële) verantwoording. Ook de (on)gevraagde adviezen van de Accountant-Administratieconsulent die rechtstreeks voortvloeien uit genoemde werkzaamheden worden (voor dit beroepsprofiel) geacht deel uit te maken van het beroepsgebied controle.
ad c. Het fiscale beroepsgebied
Dit beroepsgebied heeft betrekking op het ondersteunen van de cliënt bij het plannen van en het voldoen aan zijn belastingverplichtingen. Voor zover de Accountant Administratieconsulent (on)gevraagd adviezen verstrekt die rechtstreeks verband houden met zijn belastingtechnische werkzaamheden, worden zij (voor het beroeps profiel) geacht deel uit te maken van het fiscale beroepsgebied.
ad d. Het beroepsgebied advisering
Hoewel de Accountant-Administratieconsulent in elk van de hierboven vermelde functies een adviesfunctie heeft, wordt adviseren ook als afzonderlijk beroepsgebied onderscheiden (ook wel aangeduid als huisartsfunctie). De Accountant Administratieconsulent kan zowel gevraagd als ongevraagd optreden als adviseur. Het adviseurschap heeft betrekking op een breed terrein (buiten de drie hiervoor genoemde terreinen) dat in beginsel alle facetten van het ondernemerschap, maar ook van het sociaal en maatschappelijk leven van de ondernemer, kan betreffen. De Accountant-Administratieconsulent treedt hierbij op als allround vertrouwensman van de ondernemer in het Midden- en Kleinbedrijf. Hij signaleert, luistert, verwijst door en coördineert.

2.4 Gewicht van de onderscheiden beroepsgebieden
De Accountant-Administratieconsulent is de specialist op het financieel-administratieve gebied en op het controlegebied. Mede op basis van zijn specialismen en zijn kennis van ontwikkelingen in de branche/bedrijfstak heeft de Accountant Administratieconsulent zich ontwikkeld tot dé adviseur en vertrouwenspersoon van de ondernemer in het Midden- en Kleinbedrijf. De Accountant-Administratie-consulent is steeds meer de kritische, onafhankelijke rechterhand geworden van de ondernemer in het Midden- en Kleinbedrijf.
Op het gebied van Fiscaliteit en Advisering heeft de Accountant-Administratie-consulent ruime generalistische kennis waardoor hij een tweeledige functie heeft op deze gebieden. Aan de ene kant zal hij veel zelf kunnen uitvoeren/oplossen, aan de andere kant heeft hij een ‘doorverwijsfunctie’ voorzover zijn eigen kennis en kunde niet specialistisch genoeg is om de cliënt van advies te voorzien.

2.5 Kenmerkende taken
Per beroepsgebied — zoals in paragraaf 2.3 onderscheiden — zijn de taken van de
Accountant-Administratieconsulent als volgt te onderscheiden:
a. de taken behorende bij het financieel-administratieve beroepsgebied;
b. de taken behorende bij het beroepsgebied controle;
c. de taken behorende bij het fiscale beroepsgebied;
d. de taken behorende bij het beroepsgebied advisering.
ad a. De taken behorende bij het financieel-administratieve beroepsgebied Bij het financieel-administratieve beroepsgebied wordt een drietal taken onderscheiden:
1. het ontwikkelen en het beoordelen van administratieve systemen die gericht zijn op het verschaffen van informatie in het kader van de interne en/of externe verslaggeving;
2. het verwerken van financiële gegevens in de administratie;
3. het voorbereiden en beoordelen van verslaggeving ter voldoening aan interne behoeften en externe verplichtingen.
ad b. De taken behorende bij het beroepsgebied controle
In het beroepsgebied controle wordt een vijftal taken onderscheiden:
1. het aanvaarden van de opdracht;
2. het voorbereiden van de planning van de werkzaamheden;
3. het samenstellen van het plan van werkzaamheden;
4. het uitvoeren van de werkzaamheden;
5. het evalueren van en rapporteren over de werkzaamheden.
ad c. De taken behorende bij het fiscale beroepsgebied
In het fiscale beroepsgebied wordt een tweetal taken onderscheiden:
1. het aanvaarden van de opdracht;
2. het vaststellen van de belastingverplichting voor het fiscale jaar.
ad d. De taken bijhorende bij het beroepsgebied advisering
Bij het beroepsgebied advisering wordt een viertal taken onderscheiden:
1. het vervullen van de rol van klankbord en adviseur ten opzichte van cliënten;
2. signaleren en rapporteren over mogelijke verbeteringen omtrent de administratieve organisatie en interne controle;
3. het assisteren van cliënten bij het opstellen van een ondernemingsplan;
4. het ondersteunen van cliënten op andere adviesgebieden.

2.6 Beroepshouding
De beroepshouding is de wijze van handelen en optreden die is vereist voor een goede beroepsuitoefening. In dit verband wordt er op gewezen dat de Accountant Administratieconsulent zijn positie in de markt heeft verworven doordat hij een goed evenwicht heeft weten te vinden tussen de belangen van de cliënt en die van het maatschappelijke verkeer.
Teneinde goed te functioneren in de vier onderscheiden beroepsgebieden dient de beroepshouding van de Accountant-Administratieconsulent te worden gekenmerkt door:
a. integriteit;
b. geheimhouding;
c. onpartijdigheid;
d. onafhankelijkheid.
ad a. Integriteit
De Accountant-Administratieconsulent dient integer te zijn in zijn optreden. Dit wordt als een fundamenteel houdingsaspect van accountants beschouwd. In het begrip integer liggen eigenschappen als eerlijkheid, betrouwbaarheid en onbevooroordeeldheid opgesloten. Deze eigenschappen verwachten de cliënten en het maat schappelijk verkeer van de Accountant-Administratieconsulent.
ad b. Geheimhouding
De geheimhoudingsplicht behoort tot de peilers van het accountantsberoep. De Accountant-Administratieconsulent dient de vertrouwelijke gegevens die hij tot zijn beschikking heeft gekregen geheim te houden. Hij mag deze gegevens in principe alleen bekend maken wanneer daartoe een wettelijke plicht of een beroepsplicht aanwezig is.
Bij een wettelijke plicht wordt onder meer gedoeld op de situatie waarbij de accountant door de rechter gedwongen wordt als getuige te fungeren in een juridische procedure. De rechter dient dan op verzoek van de accountant deze te ontheffen van zijn geheimhoudingsplicht.
Een beroepsplicht is ondermeer aanwezig wanneer er ten behoeve van de overname van een cliënt door een andere accountant aan de Accountant-Administratieconsulent wordt gevraagd in hoeverre er vaktechnische bezwaren zijn om de nieuwe opdracht te aanvaarden.
ad c. Onpartijdigheid
De onpartijdigheid is eveneens een belangrijke peiler van het accountantsberoep. De waarde die het maatschappelijke verkeer hecht aan het oordeel van de accountant wordt immers in hoge mate bepaald door de omstandigheid dat het oordeel objectief, niet geleid door persoonlijke/kantoorbelangen, voorkeur of genegenheid, is gevormd en gegeven.
De verlangde onpartijdigheid van de accountant is in belangrijke mate een geestes houding. De accountant sluit de ogen niet voor gerechtvaardigde argumenten of stand punten van een tegenpartij van zijn cliënt. Evenzo onthoudt de Accountant-Administratieconsulent zich van een oordeel in situaties waarin hij niet objectief kan zijn. In onderhandelingssituaties komt het voor dat de accountant in het bijzonder voor één van de partijen optreedt. De accountant meldt dan duidelijk wanneer hij een bijzonder belang vertegenwoordigt. Dit neemt echter niet weg dat de accountant ook in deze situaties een zo groot mogelijke objectiviteit in acht neemt. Zo zullen feiten, die in het nadeel van de cliënt van de accountant zijn niet worden verzwegen. Het deskundigheidsniveau van de andere partij zal hierbij uiteraard ook een rol spelen.
ad d. Onafhankelijkheid
De accountant in het Midden- en Kleinbedrijf kan zijn beroep slechts goed uitoefenen als de brede adviesfunctie wordt gecombineerd met de overige functies. De ondernemer in het Midden- en Kleinbedrijf wenst een en dezelfde beroepsbeoefenaar voor zowel controle-, beoordelings-, samenstellingwerkzaamheden, fiscale werkzaamheden alsmede advisering. De Accountant-Administratieconsulent is gewend zijn beroep uit te oefenen met behoud van de vereiste onafhankelijkheid en neutraliteit.
Hij kan zo tijdig signaleren en adviseren. De risico’s voor de cliënt worden aldus tijdig in kaart gebracht waardoor er preventief en/of corrigerend kan worden opgetreden.
Onafhankelijkheid is dus voor de uitoefening van het beroep van (openbaar) Accountant-Administratieconsulent een wezenlijk aspect. De Accountant Administratieconsulent die optreedt als openbaar accountant is niet alleen de vertrouwensman van zijn opdrachtgever maar ook de vertrouwensman van het maat schappelijk verkeer. Deze laatste functie kan alleen worden vervuld indien de Accountant-Administratieconsulent onafhankelijk is van de opdrachtgever èn van degene wiens belang c.q. wiens verantwoording het betreft. Het is de openbare accountant niet toegestaan om opdrachten te aanvaarden waardoor hetzij direct, hetzij indirect zijn onafhankelijkheid in gevaar komt. Het betreft hier onafhankelijkheid in zowel financiële en functionele als in mentale zin.
Financiële onafhankelijkheid houdt in dat de accountant voor zijn inkomensvorming onafhankelijk moet zijn van zijn opdrachtgever, de gecontroleerde en degenen die hierin belangen hebben dan wel hiervan afhankelijk zijn. Functionele onafhankelijkheid houdt in dat het niet is toegestaan een verklaring te verstrekken bij een verantwoording van een huishouding waarin de accountant, of degene met wie hij onder gemeenschappelijke naam optreedt, enige functie bekleedt.
De mentale onafhankelijkheid tot slot moet voorkomen dat de accountant in een zodanige positie terechtkomt dat hij geen verklaring kan afgeven. Het gaat hier om verantwoordingen van natuurlijke of rechtspersonen met wie hijzelf of een van zijn naasten een relatie onderhoud die een aanmerkelijk financieel belang vertegenwoordigt.
Onafhankelijkheid bereikt de Accountant-Administratieconsulent door middel van onafhankelijkheid in wezen en onafhankelijkheid in optreden.
De onafhankelijkheid in wezen is de geesteshouding waarbij rekening wordt gehouden met alle mogelijke overwegingen die verband houden met de specifiek uit te voeren opdracht met uitsluiting van alle andere overwegingen. Deze vorm van onafhankelijkheid is voor een derde niet na te gaan. Vandaar dat in de gedrags- en beroepsregels voorschriften worden gegeven om deze vereiste onafhankelijkheid van de Accountant-Administratieconsulent zoveel mogelijk te bevorderen en te objectiveren.
De onafhankelijkheid in optreden betreft het vermijden van feiten en omstandig heden die zodanig suggestief zijn dat een goed met de materie vertrouwd zijnde derde persoon de objectiviteit van de Accountant-Administratieconsulent in twijfel zou kunnen trekken. De relatie tussen Accountant-Administratieconsulent en cliënt dient (in objectieve zin) dan ook zodanig te zijn dat beiden onafhankelijk van elkaar, zelfstandig, autonoom en ongebonden zijn.

2.7 Beroepsvaardigheden
De ondernemer in het Midden- en Kleinbedrijf wordt tegenwoordig ook ten aanzien van zijn niet-kernactiviteiten geconfronteerd met een veelheid aan ontwikkelingen. Dit betreft met name de toenemende complexiteit van het maatschappelijke verkeer
(zoals wet- en regelgeving, ontwikkelingen op belastingtechnisch- en financieel gebied, de media, internationalisering en automatisering). De ondernemer doet vanwege het ontbreken van een eigen staf hierbij een beroep op zijn huisadviseur en vertrouwenspersoon: de Accountant-Administratieconsulent. Andersom zal de Accountant-Administratieconsulent daar waar nodig een signaleringsfunctie vervullen voor de ondernemer. De Accountant-Administratieconsulent dient daarom, naast zijn kennis, te beschikken over een sterk inlevingsvermogen en goede communicatie- vaardigheden. Dit uiteraard met inachtneming van de juiste beroepshouding.

2.8 Tot slot
In dit document is getracht een zo nauwkeurig mogelijk beeld te schetsen van de kenmerken van het beroep van (openbaar) Accountant-Administratieconsulent. Hierbij is gefocusseerd op de Accountant-Administratieconsulent die in dienstbetrekking werkzaam is in het openbare beroep.
Geconcludeerd kan worden dat het beroep van Accountant-Administratieconsulent een duidelijk eigen, onderscheidend karakter heeft: de Accountant-Administratieconsulent is dé accountant van en voor het Midden- en Kleinbedrijf Hij is niet alleen een financieel-administratief deskundige, maar verricht voor zijn cliënt ook werkzaamheden op het gebied van controle, fiscaliteit en advies. De Accountant Administratieconsulent is daarmee een generalist die het stafmanco in het Midden- en Kleinbedrijf weet op te vangen en zijn cliënt op een veelheid van gebieden kan bij staan. Verwacht mag worden dat de Accountant-Administratieconsulent zich op deze wijze ook in de komende jaren zal (kunnen blijven) profileren.
Op basis van het beschreven beroepsprofiel kunnen gerichte activiteiten ten behoeve van de beroepsgroep verder worden ingevuld.
Voor de afstemming van de opleiding op hetgeen de beroepsuitoefening vergt wordt in hoofdstuk 3 een eerste aanzet gegeven.
Uiteraard is een beroep geen statisch gegeven. De maatschappelijke ontwikkelingen in het algemeen (waaronder wijzigingen in wet- en regelgeving) en in het bijzonder de ontwikkelingen in de markt van het Midden- en Kleinbedrijf leiden ertoe dat het beroep van Accountant-Administratieconsulent aan veranderingen en aanpassingen onderhevig zal zijn. Het beroepsprofiel (alsmede de schriftelijke weergave daarvan) zal dan uiteraard mee (moeten) evolueren.

3. Van beroepsprofiel naar opleidingsprofiel

Zoals uit de voorgaande hoofdstukken blijkt is het beroepsprofiel opgebouwd uit het werkterrein, de vier beroepsgebieden met bijbehorende taken, de beroepshouding en de beroepsvaardigheden. Bij de vertaalslag van het beroepsprofiel Accountant Administratieconsulent naar het opleidingsprofiel zal de nadruk liggen op de vertaalslag van de vier beroepsgebieden met bijbehorende taken naar kerncompetenties. Dit betekent niet dat de overige onderdelen van het beroepsprofiel minder belangrijk zijn. Deze onderdelen van het beroepsprofiel komen echter vanzelf aan bod bij een juiste uitwerking van het opleidingsprofiel naar het curriculum.
In dit hoofdstuk zullen per beroepsgebied de onderscheiden taken worden vertaald naar kerncompetenties welke worden toegewezen aan de bacheloropleiding en/of de post-bacheloropleiding. Met deze toewijzing wordt getracht een handvat te bieden aan de opleiders.

4. Samenvatting

In dit document is het beroepsprofiel van de in het openbare accountantsberoep, in dienstbetrekking werkzame Accountant-Administratieconsulent beschreven. In hoofdstuk 1 is aangegeven wat een beroepsprofiel is en uit welke elementen dit beroepsprofiel is opgebouwd. Het beroepsprofiel (de profielschets van een beroep) kan onder andere worden gebruikt ten behoeve van het opleidingsprofiel dat weer de basis is voor het curriculum.
In hoofdstuk 2 zijn de begrippen uit het eerste hoofdstuk uitgewerkt voor de Accountant-Administratieconsulent, die in dienstbetrekking werkzaam is in het open baar beroep. Kenmerkend voor deze Accountant-Administratieconsulent zijn de beroepshouding en de vier beroepsgebieden, te weten; financieel-administratief, controle, fiscaal en advisering. Elk van deze beroepsgebieden ontleent zijn bestaansrecht aan taken welke door de cliënt zijn opgedragen.
In hoofdstuk 3 tenslotte zijn de bij de bij de beroepsgebieden behorende taken uitgewerkt in kerncompetenties. Per kerncompetentie is hierbij vermeld of deze in de bacheloropleiding of in de post-bacheloropleiding thuis hoort.

footer_logo

Een dynamische organisatie met veel kennis en ervaring.

WIE WE ZIJN

footer_foto

© 2018 van Soest & Partners accountants en adviseurs