Geplaatst op 14 april 2022

In een procedure over opgelegde navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en naheffingsaanslagen omzetbelasting voor Hof Den Bosch is tijdens de zitting een compromis tot stand gekomen. Daarbij zijn partijen overeengekomen dat de opgelegde vergrijpboeten in ieder geval verminderd dienen te worden tot 10% van de te weinig geheven of betaalde belasting.

Ten aanzien van de boeten geldt dat het hof niet gebonden is aan dit standpunt van partijen, maar dat het hof zelfstandig dient te beoordelen of de hoogte van de boeten passend en geboden is. Bij deze beoordeling spelen de financiële omstandigheden van de belanghebbende een rol. Gelet op de verklaring van de belanghebbende over zijn huidige (werk)situatie en zijn perspectieven, heeft het hof de opgelegde boeten gematigd tot een totaalbedrag van € 500. Uit oogpunt van eenvoud heeft het hof niet alle boeten verminderd, maar één boete verminderd tot € 500 en de overige boetebeschikkingen vernietigd.

Bron: Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch | jurisprudentie | ECLINLGHSHE2022754, 20/00611 tot en met 20/00617 | 01-03-2022

Deel dit bericht

Bel voor meer informatie

0412 – 45 90 00

of wij bellen u

Gerelateerde berichten

  • Geen nieuw feit vereist voor tweede navordering na aanpassing verdeling inkomsten box 3

    De Belastingdienst kan door het opleggen van een navorderingsaanslag corrigeren dat aanvankelijk te weinig belasting is geheven. Om te kunnen navorderen moet de inspecteur beschikken over een nieuw feit dat grond oplevert voor het vermoeden dat een

  • Na de zitting ingediend wrakingsverzoek

    Een partij in een bestuursrechtelijke procedure kan een verzoek om wraking van een of meerdere rechters indienen. Wanneer het wrakingsverzoek is gedaan voordat uitspraak is gedaan, dient de rechter om wiens wraking is verzocht zich te onthouden van

  • Constatering, dat de redelijke termijn is overschreden, volstaat bij gering financieel belang

    Wanneer de redelijke termijn voor de behandeling van een procedure in belastingzaken is overschreden, kan de belanghebbende een verzoek om toekenning van een vergoeding van immateriële schade indienen. Voor de behandeling van een zaak in hoger beroep